In april heb ik op het draadje van het 8e Schnellbootflottille geschreven dat ik plannen had om een bij Gusto in Schiedam gebouwde Schnellboot van de S151-klasse te gaan bouwen, en wel scratchbuild. Het is erg lastig om bouwtekeningen en foto’s van deze boten te vinden. Eenvoudiger is het om tekeningen e.d. te vinden van de andere Schnellbootklassen. Om enige ervaring te krijgen met het scratchbuild bouwen van een Schnellboot heb ik besloten om eerst een boot van de S26-klasse te bouwen. Waarom deze? Omdat de S26-boten in dezelfde tijd gebouwd zijn als de S151 en als eerste een verhoogde bak kregen(ingebouwde torpedobuizen) net als de S151 . S26 naast z'n voorganger S18. Verder heb ik gekozen voor de S29 omdat deze boot, op een aantal maanden Finse Golf na, z’n hele diensttijd in Nederland (voornamelijk in IJmuiden bij het 2e Sflt.) heeft gelegen. De andere boten van de S26-klasse zijn in 1942 naar de Zwarte Zee verplaatst. Later meer over de geschiedenis. In navolging van het 8e is er ook al een vlag voor het 2e ontworpen: Ik had natuurlijk dit verslag ook bij het 8e kunnen voegen maar omdat de S29 bij het 2e Flottille hoort, niet een S100-klasse boot is en van hout gebouwd wordt heb ik besloten een nieuw draadje te maken. Anderen die zich aangesproken voelen zijn van harte uitgenodigd zich aan te sluiten bij dit draadje. Mannen van het 8e jullie hebben een mooi draadje, ik heb veel van jullie mooie verslagen gelezen en er ook veel van geleerd, maar ik voel meer voor houtbouw. Daarom nu een nieuw Schnellbootdraadje. Lodewijk
Begin van de bouw van de S29 De S29 is gebouwd (bouwnummer 12773) bij Lürssen in Bremen-Vegesack en was klaar op 14 oktober 1940. Op 28 november werd hij in dienst gesteld bij het 1e Schnellbootflottille (vaak in Den Helder). Op 23 mei 1941 vertrekt het Flottille via Duitsland naar Finland voor de strijd tegen Rusland. Eind 1941/begin 1942 (preciese datum?) komt de S29 terug vanuit de Finse Golf in Nederland bij het 2e Flottille in IJmuiden. Ik ben al enige tijd geleden begonnen met bouwen, maar de bouw vorderde langzaam en soms moeizaam. Nu ben ik op een punt dat ik een bouwverslag kan gaan onderhouden. Na het tekenen, uitzagen en in elkaar zetten van de kiel en de spanten kon ik het geheel gaan ‘betimmeren’ met grenen latjes van 8mm breedte. De spanten op de kiel gezet. De eerste latjes laten al iets van de vorm zien. Ik heb veel tijd nodig gehad voordat ik de juiste vorm en grootte van de spanten had. Nog steeds ben ik daar mee bezig. Soms ontdek ik dat er hier of daar wat bijgewerkt moet worden. Ook de kiel heb ik moeten aanpassen. De boeg heb ik van 2 massieve stukjes vurenhout gemaakt omdat er teveel kromming in zit om het met latjes te kunnen maken. Dat maakt hem zwaarder maar hij kan daardoor ook een tikje opvangen (ik denk aan plotseling overstekende stapstenen ). De romp krijgt al z'n mooie strakke vorm. Lodewijk
Leuk om zo'n schip ook een keer in houtbouw gebouwd te zien, Lodewijk. Blijft wat mij betreft toch het "echte" bouwwerk. Met alle respect voor de andere S-botenbouwers, die ook hele mooie schepen bouwen, maar ik blijf toch aan een houten romp de voorkeur geven. Succes Lodewijk, de start ziet er al veelbelovend uit. Recht zo die gaat. Groet, Ad Bakker
Mooi werk, Lodewijk! En verstandig dat je eerst een "bekende" boot bouwt, voordat je jezelf aan een van de onbekendere "Gusto-boten" waagt. Welke schaal wordt ze? Ook 1:35?
Hallo Ad en Roel, Bedankt voor jullie leuke reacties. Natuurlijk bouw ik beide boten in schaal 1:35, dan kan ik misschien een keertje samen met het 8e gaan varen . Bij de ontwikkeling van de S-boten is er natuurlijk het één en ander veranderd zoals het stuurhuis, de bak en de bewapening. De romp is wel veranderd in lengte (S151 was 28m, S30 was ruim 32m, S26, S38 en S100 waren 35m) maar de vorm bleef vanaf de S7 nagenoeg hetzelfde. De S29 is dus net als de S100 bijna een meter lang, de S151 zal ongeveer 80 cm lang worden. Nu heb ik via het Duitse forum schiffsmodell.net de tip gekregen dat de modelbouwtekening van de S2 te koop is bij uitgeverij Harhaus. De S151 is de S2 met verhoogde bak. Zo kom je stapje voor stapje daar waar je wilt komen. Ondanks z'n lengte is de S151 niet zo'n heel erg afwijkende boot. Er zijn echter zo weinig foto's te vinden dat het moeilijk is de details te vinden. De tekeningen van de S151 zijn waarschijnlijk direkt na de oorlog door de Gusto-directie verbrand toen ze beschuldigd werden van collaboratie. Ik bouw de S29 omdat die ook een leuk Nederlands tintje heeft. Zo kan ik een beetje de problemen van een Schnellboot leren kennen en oplossen voordat ik met de kleinere S151 begin. Lodewijk
Hallo Lodewijk heb even je draadje gelezen en bewondering naar bouwwerk gekeken, ziet er geweldig uit je romp is goed gelukt. Ik zelf bouwde op de zelfde manier als jij ook het opvullen van de boeg gebruikt meestal vurenhout schuurt makkelijker. Ik heb een S 100 van italeri pas verkocht aan iemand in België, onze club is langzaam aan het oplossen we zijn slechts nog met 8 leden, en hebben dit jaar besloten niet meer te varen. Wel ben ik nog steeds lid van de marinegroep MMI, ben één van de mede oprichters we hebben op 25 september ons 25 jr gevierd. Kijk eens op mijn site: ABT MODELSCHEPEN, ook de site van de marine groep MMI - De landelijke vriendenkring voor modelbouwers van marineschepen hier staan ook wat interresante modellen. Wens je verder veel succes met de bouw van beide schepen. mtvrgr Aad Trapman
De boeg Ik had hierboven al geschreven over de boeg maar nog geen foto geplaatst. Ik heb de boeg weer iets meer in de goede vorm geschuurd, wat is de Dremel een werelduitvinding. Hij is er nog niet helemaal, maar langzaam maar zeker komt de goede vorm er in te zitten. Door z´n knikspanten heeft de romp aan de voorkant een lastige vorm en de lijn van de latjes moet natuurlijk netjes doorlopen. De boeg in aanbouw. Ook de uitsparingen in de boeg om de torpedo’s te kunnen lanceren zijn gemaakt. Dat viel niet mee want het moet grotendeels rond zijn en tegelijk naar beneden wijder worden. Zoals je ziet maak ik geen werkende torpedobuizen, die fratsen haal ik misschien later nog wel eens uit, nu eerst een strakke, goed varende boot. Het blokje onderaan de kiel heb ik laten zitten omdat de kiel heel lichtjes omhoog loopt en op deze manier heb ik hem altijd waterpas staan. Dat is straks ook gemakkelijk voor het aftekenen van de waterlijn. Later haal ik dat wel weg. Een boot van de S26-klasse (te herkennen aan de twee grote ventilatoren op het achterschip) Foto's van deze boten zijn schaars, heren ik houd mij aanbevolen voor plaatjes. Vanaf 28 november 1940 (indienststelling) vaart de S29 bij de 1e flottielje dat voornamelijk Den Helder als thuisbasis heeft. De andere S26-klasse boten (S26, -27 en -28 ) zijn al eerder bij deze flottielje ingedeeld. In het voorjaar van 1941 torpedeert de S29 twee vrachtschepen en neemt deel aan verschillende mijnenlegoperaties voor de Engelse kust. Vaak kan een operatie niet doorgaan of moet het worden afgebroken door het slechte weer, bij windkracht 4/5 wordt de inzetbaarheid al twijfelachtig. Op 23 mei 1941 vertrekt de flottielje uit Den Helder en vaart via Kiel naar Swinemünde aan de Oostzee voor de voorbereiding voor de strijd tegen Rusland. In juni gaat de flottielje naar Finland waar het een basis krijgt op een eiland vlak voor Helsinki. Lodewijk
De bak De volgende stap in het bouw van de boeg was de bak met de ingebouwde torpedobuizen. Van de torpedobuizen maak ik alleen de zichtbare gedeelten, de werkende torpedobuizen laat ik voorlopig over aan de collega's van het 8e. Voordat ik de bak dichtmaakte heb ik de binnenkant flink in de Glattfix gezet. Daarna was het dichtmaken van de bak slechts een kwestie van latje voor latje dichtplakken. Op de rondere gedeelten bij de torpedobuizen heb ik een aantal heel smalle (2 mm) latjes gebruikt om de ronding gemakkelijker en beter te krijgen. De bak. De boeg heb ik ook weer wat verder in z´n uiteindelijke vorm geslepen en hier en daar een beetje geplamuurd. De massieve boeg krijgt steeds meer z'n definitieve vorm. S29 in de Golf van Riga. In het boek van Kemnade over ‘Die Afrikaflottille’ staat te lezen dat half juli de S29 door het 1e flottielje tijdelijk wordt uitgeleend aan het 3e flottielje als versterking bij een groot konvooi. Er zijn acties tegen Russische oppervlakteschepen. De S29 maakt op 21 juli samen met de S58 jacht op de torpedoboot ‘DT71’ en de sleepboot ‘Lacplesis’. Beide boten worden tot zinken gebracht en uit de sleepboot worden nog kostbare Russische zeekaarten en codeboeken gehaald voordat het zinkt. Opmerkelijk is dat de Russische bemanning van de torpedoboot vanuit het water met pistolen op de schnellboten schiet en daarna wegzwemt als zij hen uit het water willen redden. Lodewijk
Torpedodeuren Door drukte met andere zaken heeft de bouw van de S29 enige tijd stil gelegen. Of ik de komende tijd veel tijd voor de bouw heb is maar de vraag. De afgelopen dagen heb ik toch een paar uurtjes modelbouw ingepikt en zodoende kan ik een kleine update geven. De torpedodeuren zijn gemaakt en aangebracht op hun plaats. Doordat goede tekeningen ontbreken moet ik een beetje met een timmermansoog de afmetingen en verhoudingen schatten. Torpedodeur De andere S-26 boten. De S29 werd na haar diensttijd in de Finse golf teruggestuurd naar Nederland om verder dienst te doen bij het 2e flottielje in IJmuiden. De andere 3 boten van de S26-klasse zijn begin 1942 teruggevaren naar Duitsland, daar volledig ontmanteld (dekhuis, kanonnen, torpedobuizen, masten, motoren) en via de Elbe naar Dresden gesleept. Vandaar werden de boten over de weg naar Ingolstadt gebracht en verder over de Donau gesleept naar Linz. In Linz werden delen van de uitrusting die per spoor waren vervoerd weer opgebouwd. Van Linz werden de boten gesleept naar Galati in Roemenië waar de motoren weer aan boord kwamen. Vandaar ging het op eigen kracht verder waar eind mei Constanza aan de Zwarte Zee werd bereikt waar de boten weer volledig werden uitgerust. Vanuit verschillende Zwarte Zeehavens werden de S26-boten samen met andere S-boten van het eerste flottielje met wisselend succes ingezet. De S27 zonk op 5 september 1942 door een torpedo van de S72! De S26 zonk op 19 augustus 1944 in Sulina in de Donaumonding door een vliegtuigbom. De S28 zonk op 25 augustus 1944 in Constanza ook door een vliegtuigbom. Daarmee waren de drie S26-boten van de Zwarte Zee naar de zeebodem verdwenen. Lodewijk
Knap Lodewijk! Tussen mijn bijleeswerk voor het 8ste stoot ik op dit! Mooi! Ik zal dit draadje volgen en hoop je eerste vaart mee te maken. Welke schaal doe je? Enige interesse in het 8ste?
Lodewijk bouwt ook 1:35, maar heeft gemonsterd bij een ander flottille. Een beetje jammer natuurlijk, maar ja... Tot nu zie ik alleen heel knap werk!
Machinekamer Het is de laatste tijd misschien een beetje stil geweest op dit draadje maar de afgelopen weken heb ik, met kleine beetjes tegelijk, gewerkt aan de machinekamer van de S29. Ten eerste heb ik de openingen gemaakt waar de schroefassen door moeten. Raar werk eigenlijk, je maakt grote gaten in een mooie, gesloten romp :-(. De Speed 400 motoren moeten laag geplaatst worden daarom heb ik zelf 3 eenvoudige motorsteunen gemaakt van aluminium L-profiel. Met veel passen en meten zijn ze op hun plaats gezet. De gele machinekamer en de schroefassen. Nadat de binnenkant van de romp in de Glattfix was gezet heb ik het machinekamergedeelte een geel kleurtje gegeven. Dan zie je de oliespatten beter . En er is een flinke laag lak op gezet voor de waterdichtheid. Het was een toer om passende cardanassen te vinden. Ik heb één gekocht maar ik vind hem nogal zwaar. Ik zit eraan te denken om maar gewoon een rubberen verbinding te gebruiken. Iemand met ervaring? Ook met het hoofdroer ben ik bezig. De Lürssen-roertjes zijn later aan de beurt. De spiegel met eronder een klein stukje hoofdroer. Straks komt voor mij het lastigste gedeelte waar ik graag advies voor wil hebben; de elektronica. Welke accu(´s) kan ik gebruiken, hoe zit het met een vaartregelaar, de ontvanger en hoe sluit ik alles, voor een Schnellboot, op een prettige manier op elkaar aan? Heren Schnellbootkapiteins graag uw advies. Op 15 januari 1942 komt de S29, na ongeveer 8 maanden Finse Golf, terug in Nederland en wordt ingedeeld bij het 2e Schnellbootflotille in IJmuiden. In de ruim 14 maanden die de S29 daarna nog dient neemt het vaak deel aan mijnenlegoperaties op de konvooiroutes langs de Engelse kust. In de nacht van 26 op 27 maart 1942 vaart de S29 samen met de S62 uit. Ze moeten ieder 6 LMB-mijnen werpen. Ongehinderd arriveren ze op de gekozen plek op de konvooiroute langs de Engelse oostkust en kunnen in alle rust de mijnen in het water gooien. Ze blijven op goed geluk nog een poosje op de vaarroute hangen om nog een koopvaardijschip te treffen. Dit geluk hebben ze niet. Dan krijgen ze een melding dat er een verkenningsvliegtuig van de Luftwaffe is neergestort en dat de bemanning in een rubberboot ronddobbert. Ze varen naar het aangegeven gebied, maken een aantal zoekslagen, maar kunnen de vliegtuigbemanning niet vinden. Uiteindelijk keren ze ’s ochtends vroeg terug in IJmuiden. Lodewijk
Ja, ik... Niet doen. Met de toerentallen die de 400's maken gaat een rubberen/siliconenkoppeling onherroepelijk slippen. Je hebt er nu een vrij grote koppeling opzitten (Raboesch?); Graupner heeft ook kleinere, geschikt voor 2mm aan de schroefaskant en 3,17mm aan de motorkant. Jouw S-boot is wat kleiner dan de 100-serie. Houdt in: minder capaciteit voor "nuttige lading". Accu's: 2S LiPo's. 7,4V, tussen de 2.500 en 3.000 mAh. Regelaar: Wat wil je? 1 of twee regelaars? Ik heb m'n buitenmotoren op één regelaar en de binnenmotor op een andere. (Totdat m'n middenmotor aan gort ging en ik de middelste schroefas met schroef heb verwijderd:2gunfire Die constructie beviel prima, en bij m'n nieuwste S-je heb ik dat weer gedaan. Middenmotor voor kruisvaart, buitenste motoren voor full speed. Type regelaar en merk is niet zo belangrijk; als ze maar een ampere-aantal boven het maximaal opgenomen amperage van de Speed 400 aankunnen zonder te verpiepen. (houd voor een Speed 400 dus 4 ampere aan) 2 speed 400's samen op één regelaar: 8 amp. Kan je dus met redelijk lichte regelaartjes toe. Niét in de val van "vliegtuigregelaars" lopen; die zijn weliswaar goedkoper, maar hebben geen achteruit. Lastig als je een noodstop moet maken! Zender/ontvanger: met alledrie je motoren op één kanaal en zonder verdere toetsers of bellen kan je volstaan met een 2-kanaals installatie. Gas op de ene knuppel, roer op de andere. Simpel, goedkoop. Toch blijkt dat in de praktijk vaak te resulteren in de aanschaf (na verloop van tijd) van een uitgebreidere zender. Als je je Lürssen-roeren werkend wil hebben én je middenmotor apart wilt regelen, zal je minimaal een 4 kanaals zender moeten kopen. Merk? Maakt op zich weinig uit. Er zijn momenteel weinig echt "slechte" installaties. Ja, uit China komt spul waar ik (en niet alleen ik, maar bijv ook Jan van Mouwerik) vraagtekens bij heb. Maar dat komt voornamelijk voort uit het niet hebben van een CE-markering én twijfels over de reikwijdte van de zender. Maar aangezien wij als schippers zelden verder weg varen dan 50 meter (anders zie je je S-je toch niet meer) is dat laatste niet steekhoudend als argument. De China-zenders zijn echter véél goedkoper dan de zenders van Robbe/Futaba/Graupner. Ik adviseer wel om meteen een zender op de 2,4 gHz band aan te schaffen; nooit meer gedonderjaag met "vrije kanalen". In ieder geval als schipper NOOIT een 35 mHz zender gebruiken; die band is enkel en alleen gereserveerd voor vliegend spul! Daarmee varen is bijna een doodzonde, ook al adviseren sommige winkeliers nog steeds anders. Tja, en hoe je het aansluit... Waar bouw je de spullen in is vaak het criterium. Zorg in ieder geval dat je tijdens de inbouw vaak je Sje in het water legt om de ligging van het zwaartepunt te controleren. Met je accu kan je dat een beetje regelen. Tot zover wat algemene tips... Meer specifiek zal het worden als je ons laat weten: motoren apart? Lürssenroeren functioneel? Verlichting? ?????
Stootrand Ondanks dat ik de laatste maanden modelbouwtijd moest sprokkelen is er nog wel wat aan de S29 gebouwd. De Lürssen-roertjes zijn geplaatst , al moeten ze nog op maat gemaakt worden; er is weer geplamuurd en geschuurd aan de romp en ten slotte is de stootrand aan weerzijden van de romp gemaakt. Dat leek aanvankelijk eenvoudig maar door de kromming bij de boeg werd er nog wel wat modelbouwvernuft gevraagd. De stootrand zit erop, inclusief de verbreding van de stootrand op het breedste stuk van de romp. @Roel: bedankt voor je electronische informatie. Deze S29 is overigens net zo lang als jullie S100. De echte was ook bijna 35 meter. De S151, die gebouwd is bij Gusto in Schiedam, was ongeveer 28 meter lang, maar daar begin ik pas aan als de S29 klaar is. Hoe wist jij dat ik een 35 mHz zender heb? Het is wel mijn probleem. Mijn vader was een verwoed vliegtuigbouwer. Toen hij is overleden heb ik z'n zender gekregen en dat is dus een 35 FM Varioprop van Graupner. Daar kan ik mee gaan varen op een onbewoond eiland maar niet hier in Nederland. Ik moet deze zender zien te ruilen of te verkopen en een 'goede' zender zien te krijgen. Mijn wensen voor de S29 zijn: binnenmotor; buitenmotoren; roer; (misschien Lürssenroeren); verlichting. Op de S29 bouw ik niet teveel gekkigheid. Wat ik al eerder heb gezegd het moet 'een goed varende boot' worden. De rest van het jaar 1942 is voor de S29 eigenlijk een saai jaar. Als het weer het toelaat om uit te varen doet ze eigenlijk niet meer dan mijnen leggen op de konvooiroutes voor de Engelse kust. Als er al pogingen worden ondernomen om konvooien of losvarende schepen aan te vallen wordt steeds meer de groeiende kracht van de Engelse marine ervaren. Maar vooral het gemis van een eigen radarsysteem wordt steeds groter. De Engelse marineschepen weten steeds nauwkeuriger de Duitse aanvallen te pareren. Ook het leggen van een rookgordijn is niet altijd meer afdoende voor een veilige vlucht. Overigens blijken de Engelse konvooien wel degelijk last te hebben gehad van de Duitse mijnen. Lodewijk
Tja... Soms doet mijn kristallen bol het weer even... Nee, onzin; ik zette het er voor de zekerheid maar bij. Ruilen van zo'n oude 35 mHz zender kan je vergeten. Tenminste: tegen een fatsoenlijke prijs. Bovendien: hij is van je Pa geweest; zit meer emotionele waarde in dan geld kan vergoeden. Als je niet teveel toetsers en bellen op je Sje wilt (en ik zie 4, wellicht 5 functies) kan je het best een simpele 2,4 gHz zender aanschaffen. Die kosten tegenwoordig ook niet meer de hoofdprijs. Nooit meer gedonder met kristallen, minder motorstoring. Als er mixers opzitten kan je ook je Lürssenroeren werkend maken. Kijk eens in de verschillende catalogi van C of Q en op de sites van de diverse modelbouwwinkels. Als je advies nodig hebt kan je de leden van het 8e (liefst per PB) benaderen.